Nog niet te laat : een hoopvolle gids om het klimaatprobleem op te lossen in 50 vragen en antwoorden
Details
317 p. : ill.
Besprekingen
De Standaard
Tien jaar na het historische klimaatakkoord, is de hoop van Parijs gesmoord. Met Donald Trump woont er een klimaatontkenner in het Witte Huis. In Europa brokkelt de steun van burgers en industrie voor de Green Deal af, terwijl in China de razendsnelle ontwikkeling van groene technologie niet kan verhinderen dat de uitstoot blijft stijgen. Nu al is duidelijk dat we de opwarming van de aarde in de komende decennia niet onder de anderhalve graad zullen houden, zoals de meest ambitieuze doelstelling van Parijs beoogde.
De opstapeling van onheilsberichten doet de ene ontgoocheld afhaken en maakt anderen angstig. Ook Hannah Ritchie was als student “overtuigd dat de mensheid verdoemd was en dat ik er niets aan kon doen”, zei ze twee jaar geleden nog in een interview met De Standaard .
Maar sinds de Schotse datawetenschapper met een cijferbril kijkt, ziet ze ook een ander, optimistischer verhaal, stelt ze in haar nieuwe boek Nog niet te laat . Ja, klimaatverandering - en de productie van energie, materialen en voedsel die eraan ten grondslag ligt - is een “gigantisch probleem”, schrijft ze. “Maar het is niet onoplosbaar. De meeste oplossingen staan al tot onze beschikking.”
Vijftig bezwaren
Ritchie is als onderzoeker verbonden aan Oxford University en toont via data-analyses overtuigend aan dat de berichten over de dood van de energietransitie overdreven zijn. In vijftig hoofdstukken geeft ze een antwoord op de meest gehoorde vragen en bezwaren rond klimaatbeleid.
Clearing the air , luidt de Engelse titel, en haar cijfers brengen helderheid in vaak gepolariseerde discussies: zullen we niet meer mijnbouw nodig hebben voor elektrische wagens en zonnepanelen? (Neen, overschakelen van fossiele naar hernieuwbare energie zal net minder mijnbouw vergen.) Doden windmolenparken niet veel vogels? (Ja, ze doden vogels, maar veel minder dan gebouwen, auto's of pesticiden.) Is kernenergie niet onveilig? (Het is een van de veiligste energiebronnen die we hebben.)
Ritchie schiet zo niet alleen gaten in het discours van klimaatsceptici, ook activisten en klimaatbewegingen krijgen een veeg uit de pan. Milieuactivisme is te lang een antibeweging geweest, zegt ze: tegen nieuwe kolencentrales, oliepijpleidingen, gaswinning, snelwegen, mijnbouw en infrastructuur, die natuurgebieden aantasten. Maar om “klimaatverandering aan te pakken moeten we juist vóór zijn. We moeten bouwen. Heel veel, en zo snel mogelijk.”
Geen perfecte oplossing
Perfecte oplossingen bestaan niet. “Het idee dat op een dag al onze problemen opgelost zullen zijn is heel aantrekkelijk, maar het is een illusie”, schrijft Ritchie. “Elke generatie lost problemen op, maar creëert daarbij nieuwe voor de generaties na hen.” Onze kinderen en kleinkinderen zullen manieren moeten ontwikkelen om grondstoffen te recycleren, of oplossingen vinden voor de nucleaire restanten die ondergronds worden opgeslagen. “Zo werkt vooruitgang.”
Het heeft volgens haar ook geen zin om de neveneffecten of compromissen van het klimaatbeleid te verbloemen of te verdoezelen - in heel wat twijfel schuilt een kern van waarheid. Erken dat fossiele brandstoffen veel welvaart hebben gebracht, en dat ontwikkelingslanden ze de komende decennia nog zullen gebruiken en nodig hebben. En ja, bij de productie van een elektrische wagen komt meer CO 2 vrij dan bij wagens met een verbrandingsmotor. Maar alleen door uit te zoomen en het volledige plaatje te bekijken, zie je dat elektrische wagens gedurende hun levensloop een pak minder uitstoten.
Ritchie gidst ons helder door een zee van cijfers en onderzoeken, die steeds vaker ongefilterd via sociale (en traditionele) media op ons afkomen. Stel je steeds de vraag hoe oud de data zijn, raadt ze aan. De kosten van zonne-energie of batterijen, bijvoorbeeld, zijn in tien jaar tijd met 90 procent gedaald. Een onderzoek uit 2020 lijkt misschien recent, maar is waarschijnlijk al gedateerd. Met een gezonde dosis pragmatiek, voorbeelden uit het dagelijkse leven, en door ieder hoofdstuk af te sluiten met concrete oplossingen of stappen, laat ze ons niet machteloos achter.
Politieke realiteit
Ritchie noemt zichzelf “een realistische optimist”, en bouwt zo verder op het elan van haar vorige boek, Niet het einde van de wereld. Haar discours inspireert, maar voor haar critici dreigt ze tegelijk de urgentie van de strijd tegen opwarming van de aarde soms te ondergraven. Hoewel ze de ernst ervan herhaaldelijk benadrukt, noemde ze de klimaatverandering destijds in het interview een “catastrofe, maar geen existentieel risico dat het voortbestaan van de mensen bedreigt - althans niet deze eeuw”. Haar focus op technologische ontwikkelingen en haar optimisme over toekomstige technologie zouden ook kunnen leiden tot berusting, of politici een excuus kunnen geven om op de rem te staan.
“Of we het leuk vinden of niet, de meeste mensen zijn niet bereid welvaart in te leveren om CO 2-uitstoot te verminderen”, schrijft ze. En in die politieke realiteit moeten we vooruit. Focus daarom op oplossingen, zo besluit ze, en op een toekomstige wereld die beter kan zijn dan die van vandaag. Je zal mensen niet overtuigen met waardeoordelen. Wie daarin te ver gaat, dreigt met Trump te eindigen. Die gaat vandaag met een sloophamer door het klimaatbeleid. Maar Ritchie weigert zich te laten verlammen door pessimisme. “Er zullen tegenslagen onderweg zijn”, schrijft ze, maar “onze toekomst wordt niet in een jaar bepaald, en ook niet in een vierjarig presidentschap.”